KM_04_46

Aflevering 46 – 4 desnus 4714

We staan lekker in de modder van het moeras en besluiten om eerst te kijken of de Ahuizotls nog wat van waarde verstopt hebben in hun hol, maar er is niets interessants te vinden.

We treken nu weer naar het noordwesten. We komen weer op een grasvlakte, het is heerlijk om weer vaste grond onder de voeten te hebben. We zien dat de vlakte vol staat met gele bosbramen. Catori kent het vruchtje wel, het wordt vooral gebruikt in taarten, in jam en in alcoholische dranken. Lorelei en Kyrmanath zien er allebei wel handel in en ze staan te bekvechten wie de bramen mag plukken. Lorelei wil er graag een nieuwe drank van maken en Kyrmanath ziet er wel wat in om er gerechten meer smaak mee te geven. Ze hebben een groot meningsverschil en ondertussen plukken ze ieder aardig wat bramen. Maar dan verschijnen er drie Shambling Mounds uit de braambosjes. Ze vallen meteen aan. Maar deze plantachtigen zijn niet tegen ons opgewassen en Kyrmanath beëindigd het gevecht. Ze snijdt nog wat strengen van de Shambling Mounds af. We doorzoeken de Mounds nog even en vinden een ion stone van 8.000 gp.

We gaan nu naar het westen en we komen in heuvelachtig terrein. Hier ontdekken we niets bijzonders en trekken door naar het westen. We komen bij het terrein met de tombe van Armag. We doorzoeken dit terrein, het wordt hier heuvelachtig. We zien het kamp van de Barbarians nog staan en gelukkig is de ingang naar de tombe nog ingestort. We reizen naar het westen, dit is bekend gebied dus we reizen meteen door naar het noordwesten. Ook hier is het nog steeds heuvelachtig. We zien een houten stellage staan in de heuvels. Het lijkt een mijn te zijn. Het is er donker binnen. Lorelei gaat kijken en sluipt dichterbij. Ze kijkt eens naar binnen en ze ziet nog net aan dat er een touw hangt aan de houten constructie. En ze ziet nog wat roestige houwelen liggen. Ze drinkt een potion of darkvision en ze gaat naar binnen. Ze ziet dat het touw een schacht naar beneden in gaan. Ze loopt naar de schacht en kijkt omlaag. Ze ziet een drietal meter lager heel veel water stromen. In de mijn ziet ze wat voetsporen naar buiten lopen. Ze komt terug en zegt dat de mijn onder water staat. Rincewind onderzoekt de mijn eens op magie, maar dat is hier niet. Catori verandert in een Water Elemental en gaat naar beneden. Ze ziet een tunnel. Ze zwemt een stukje de tunnel in en dan houdt de tunnel op. Er drijft nog een verrot karretje in het water. Ze denkt dat er hier niet verder gegraven is. Ze ziet wat stenen in het karretje liggen, het is iets wat bewust uit is gehakt en ze neemt het mee. Ze ziet niet waar het uit vandaan is gehaald. Ze komt weer terug. Ze geeft Rincewind het stuk steen. Hij onderzoekt het en ziet dat het zilver is. We slaan een kamp op en Rincewind besluit om eens naar de mijn bij Varnholt te teleporteren. Hij gaat in gesprek met het personeel en hij hoort dat ze erg tevreden zijn dat ze nu een baan hebben en ze laten zien wat ze gevonden hebben. Een van de mannen vertelt dat ze edelstenen uit de muur hebben gehaald en neemt Rincewind mee naar een keet. Ze zijn nu bezig in de mijn en ze vinden nog steeds clusters met gems. Hij vertelt dat ze nu genoeg verdienen en hij geeft Rincewind wat stenen mee. Dit zijn gems ter waarde van 30.000 gp. Hij hoopt om nog meer gems uit de mijn te halen. Dan vraagt hij nog of ze hier een dorp mogen stichten om met hun familie hier te wonen. Rincewind zegt dat hij dit met de medebestuurders wil gaan overleggen. Hij roept zes paarden op en geeft deze aan de mannen, zodat ze snel kunnen reizen en hij geeft ze 250 gp. Ze zijn daar heel blij mee. Dan gaat hij weer naar ons terug. We trekken weer naar het oosten. Het is hier weer heuvelachtig en aan de zuidzijde van een heuvel zien we iets wat er vreemd uit ziet. Lorelei onderzoekt het eens en ze ziet een aantal karren staan, die er allemaal kapot uitzien. De karren staan bij de ingang van een grot. We gaan richting de grot. Als we in de buurt komen sluipt Lorelei dichterbij. Ze hoort wezens praten in een vreemde taal. Rincewind gaat met haar mee en luistert ook eens, hij zegt dat het Giants is. Rincewind loopt verder naar de grot toe en hoort wat gebrabbel. De een moet zijn bek houden over het mooie doekje en de ander mag niets zeggen over de kisten. Ze gaan terug om met ons te overleggen en we besluiten om ze aan te vallen.