KM_03_22

Aflevering 22 – 7 sarenith 4712

We besluiten om de rivier over te steken en de kerk te onderzoeken. We gaan met zijn drieën naar de overkant, Rincewind twijfelt nog steeds om door dat enge water te gaan. Hij besluit om er een spreuk aan te wagen en is ook aan de overkant. We staan bij een klein parkje. Er staan verschillende gebouwtjes, het grote gebouw rechts is een inn, rechts staat een smithy. En de rest lijkt meer op woningen. Aan de linkerkant van het dorp lijkt er wel op een heuvel een fort te staan met een soort torentje. Lorelei loopt onderzoekend voorop. Ze heeft echter nog geen drie stappen gelopen en de grond zakt onder haar weg en ze valt bijna in een valkuil, die vol zit met spikes. Op verzoek van Rincewind klimt ze naar beneden om te onderzoeken hoe oud de valkuil is. Ze gaat ongeveer vier meter omlaag. Het zijn hufterige spikes, die op de bodem zijn aangebracht. Ze onderzoekt de bodem en komt tot de conclusie dat deze kuil een paar dagen oud is. Ze klimt weer omhoog en kijkt eens of ze sporen ziet om de maker van de kuil te traceren. Ze vindt geen sporen, maar wel nog een paar valkuilen. Ze gooit een paar keien op de kuilen en zo weten we waar ze zitten. Ze onderzoekt de weg naar de kerk, die lijkt wel veilig. Naast de kerk is een soort kerkhof. Op de kerk staat een plaquette met het symbool van Erastil. Rincewind kijkt eens of er magie hangt maar dat is niet aanwezig. We lopen naar de kerk. De deur is los. Rincewind speurt in de rondte of hij dieren ziet. Hij ziet af en toe wat vogels voorbij vliegen. Lorelei opent de deur van de kerk en luistert eens of ze wat hoort, maar het is doodstil in de kerk. Ze gluurt om het hoekje. Ze ziet een klein sober kerkje met bankjes en een altaar. Waar ze versieringen zou verwachten is echter alles weg. Ze opent de deur en we gaan naar binnen. Rincewind gaat nog eens op zoek naar magie. In het altaar ziet hij een zweem hangen. Lorelei vindt in het altaar een lade. Ze opent de lade en vindt allemaal scrolls. Het zijn drie scrolls of cure serious wounds, drie scrolls of remove paralysis, een scroll of restoration, een scroll of break enchantment, een scroll breath of life, en een scroll of raise dead. We zien dat alles van waarde gestolen is uit de kerk. We besluiten om ergens anders te gaan kijken. Naast de kerk staat een grote schuur. Catori blijft ondertussen buiten en het valt haar op dat er alleen maar Crows en Ravens rondvliegen. We besluiten om ergens anders te gaan kijken.

We lopen richting de inn. We zien een half loshangend bord met een paard erop, maar aan de onderkant is het een soort zeeslang. We zien nog net de naam: ‘Waterhorse’. Lorelei wil de deur openen en dan ziet ze dat er wat gekrast is in de deur. Ze ziet: ‘N o m e n’. Rincewind heeft de naam wel eens gehoord, hij denkt even na en er borrelt wat naar boven: het gebied wordt hier the Nomen Heights genoemd. Het heeft iets te maken met de lokale bevolking maar hij komt er niet op. Catori denkt ook eens na, maar komt er ook niet achter. Lorelei opent de deur. Het is een eenvoudige inn. In de ruimte staan nog tafels met voedsel er op, het voedsel is wel aan het wegrotten. Naar achter ziet ze een soort keuken en er is een trap naar boven. Ze ziet een groot wezen in de hoek van de ruimte staan. Het wezen heeft een gat in zijn hoofd, en hij heeft een boek in zijn handen, hij staat recht overeind. Rincewind zoekt naar magie, en hij vindt een aura van conjuration. Hij denkt: “Dit is een sepia snake sigil.” Rincewind roept: “Het boek mag wel bekeken worden maar niet gelezen.” Maar al gauw merkt hij dat de sigil is uitgewerkt. We gaan dichterbij. Catori denkt dat het beest een Spriggan is, een Gnome achtige wezen die mogelijkheden hebben om zich te vergroten. En deze heeft zich dus vergroot. Rincewind weet nog te bedenken dat Maegar Varn nog wel wat mensen in dienst had, en daar zou best een magiër bij geweest kunnen zijn, die zo’n sigil gemaakt kan hebben. Het beest staat voor een tafeltje met allerlei paperassen en boeken. Er liggen verschillende soorten boeken over de geschiedenis van de omgeving. Een van de boeken gaat over Centaur tribes en dan valt het kwartje bij Rincewind. De Nomen zijn een Centaur tribe. Er is echter geen verband tussen de spikes in de valkuil en de Centaurs. Die valkuilen zouden best door de Spriggans gemaakt kunnen zijn. Er liggen ook wat houtskool schetsen een armband met vreemde markeringen erop. Dit moet gelinkt zijn aan de Nomen Centaurs. En onder aan de stapel ligt een brief van Maegan Varn aan maestro Pendrod. In die brief wordt beschreven dat ene Willas een jaden armband gevonden heeft bij de rivier. Maegar verzocht Pendrod om de armband te onderzoeken. Er stonden vreemde tekens op. Rincewind kijkt eens naar de schets maar hij kan er niets uit halen. Maestro Ervil Pendrod is een gerenommeerd Ioberaans geleerde en een musicus. En Maegar Varn was een student van hem. Pendrod woont niet in deze stad, maar is dus wel uitgenodigd om te komen om de armband te onderzoeken. Lorelei gaat even boven kijken. Er zijn zes kamers voor gasten. Er zijn er vijf kamers netjes opgemaakt en in de zesde liggen wat spullen. Ze kijkt er eens snel doorheen en ziet wat boeken en een viool. Dit is dus de kamer van Pendrod, hij moet dus aanwezig geweest zijn. Ze vindt nog een mooi boek over geografie en ze vindt in het boek een briefje waarop staat: ‘Vordakai misschien een Nomen Centaur god?’ Ze bestudeert het briefje, meer valt er niet uit te halen. De viool is een waardevolle viool en is gemaakt door een vakman, hij is 1.400 gp waard. We nemen de viool mee. Rincewind kijkt nog even naar het geografische boek, maar dat heeft niet echt veel waarde.

We gaan naar het fort. Lorelei verkent de weg weer. We lopen langs wat huizen onder andere een wevershuis, wat boerenhuizen, dan zien we de grote schuur. Als we langs de schuur lopen horen we wat geluid. Lorelei herkent het als Rats. We gaan maar eens kijken. Lorelei wil door een kier naar binnen gluren. Maar dan ziet ze wat hoger een klein raampje. Ze klimt naar het raampje en gluurt naar binnen. Ze ziet veel zakken met haver en andere granen liggen. Er zijn flink wat Rats die tussen de zakken door krioelen. Ze kijkt nog eens naar binnen nadat ze een lichtje van Catori heeft gekregen. Ze ziet de Rats uiteen stuiven, maar ze ziet geen lijken liggen. Maar er zijn honderden Rats in de schuur.
We gaan maar verder naar het fort. We lopen nog langs wat gewone huizen. Een huis heeft een opengebroken deur. Op de deur zitten wat edelsteentjes. Het interieur van het huis is verwoest en leeggehaald.

We lopen verder naar het fort. Het is een driehoekig gebouw, omgeven door houten palissades. Op de verste hoek staat een constructie van hout, een toren met een paar verdiepingen. We zien wat rook omhoog komen. We sluipen naar het fort. Kyrmanath blijft wachten met Cheveyo. Het pad loopt naar een poort. Lorelei kijkt eens goed naar het fort en ziet wat helmpjes boven de palissaden uitsteken, ze staan stil. Dan sluipen we wat dichterbij. We staan bij de poort en Lorelei luistert eens goed. Ze hoort een aardig vuur branden, en ze hoort wat getrippel, en ook lopen er wat Wolves rond. We besluiten om naar binnen te gaan en aan te vallen. Kyrmanath en Cheveyo worden geroepen.
Lorelei hoort achter de poort iets roepen. Maar de taal verstaat ze niet. Ze opent de poort. Ze ziet aan de linkerkant een gebouwtje en de toren. Er staan wat kisten en tonnen bij het gebouwtje. Rechts ziet ze een hek en nog een gebouwtje. In het midden staat een hut, en ze ziet een kampvuur. Bij de hut staat een grote Spriggan en een paar Wolves. Lorelei loopt naar binnen en ziet naast de poort aan beide zijden een platvorm met een ladder er naar toe. Ze klimt via de ladder naar het platvorm. De Wolves komen aangestormd en een van de Wolves gaat bij de ladder staan. Even later komt er van achter het rechter gebouw nog een grote Spriggan vandaan. Hij roept wat. Rincewind komt dichterbij en wordt meteen onderuit getrokken door een wolf. We vallen aan en al snel staat er nog maar een Spriggan en die gaat vlug achter een gebouw staan. Rincewind gaat weer staan. Even later weet Catori de laatste Spriggan af te maken. De Spriggans worden weer klein nadat ze gedood zijn. Kyrmanath kijkt een naar de Spriggans en pakt haar mes al, maar Catori roept dan: “Dat kun je niet maken. Het zijn Humanoids, die kun je niet opeten.”  Kyrmanath kijkt een beetje beduusd, dat wist ze niet. Cheveyo loopt naar het midden van het fort. Dan wordt er van boven uit de toren geschoten op hem. Kyrmanath loopt op de toren af. Catori verandert in een Air Elemental. Cheveyo duikt op de deur van de toren af en weet net voor een valkuil te stoppen. Kyrmanath wordt geraakt door een pijl en dan stormt ze op de deur af en rukt hem open. Ze ziet een klein gangetje met op het eind een deur, er zitten schietgaten in de wanden. Catori vliegt omhoog. Ze ziet een platform boven op de toren maar daar ziet ze niemand. Ze landt op de toren en ziet een luik. Ze opent het luik en kijkt naar binnen. Er is een ladder naar beneden. En ze ziet twee Spriggans die haar ook in de gaten hebben. Kyrmanath stormt de gang in en trapt de volgende deur in. Catori is verandert in een Whirlwind, neemt twee Spriggans mee en laat ze naar beneden vallen, en ze verandert weer in een Air Elemental. Ze speurt de verdieping af op zoek naar de schutter, en ziet een paar kleine ruimtes. De buitenwand heeft allemaal pijlgaten. Dan komt ze in een kamer, een slaapkamer. Dit moet een mooie kamer zijn geweest maar alles is beschadigd. Ook de volgende kamer is geheel verwoest.  De laatste kamer zit vol met kooien die aan het plafond hangen, overal ligt duivenpoep en veren.  Het gevecht gaat ondertussen op de benedenverdieping verder, een van de Spriggans in het gangetje vlucht weg door een deur. Kyrmanath gaat er achter aan en staat dan oog in oog met de schutter van de toren. Dit is een ander soort Spriggan. Hij gaat een kamertje in en vergroot zich. Hij beukt behoorlijk op Kyrmanath maar die weet hem te doden.