KM_03_21

Hoofdstuk 3 – Varnhold Vanishing

Aflevering 21 – 30 gozran 4712

leg is aan het rondrennen om bouwvakkers op te trommelen voor de bouw van het garrison, en verder verloopt alles goed in de stad. Catori wil het kreekkruid van Bokken eens uitproberen. Ze gaat naar haar zweettent en bestudeert het kruid eens aandachtig. Het is vers gemalen en ze hoeft het niet te mixen. Ze stopt het kruid in de pijp en gaat roken. Het is pikant en scherp. Ze denkt er eerst aan om te stoppen in een opwelling maar dan besluit ze toch door te gaan. Het heeft invloed op haar gestel. Ze wort rustiger kalmer, alerter en ze wordt er slaperig van. Het heeft dan toch wel een prettige ervaring. Lorelei is aan het brouwen geslagen voor een nieuwe drank en ze is Hooty aan het trainen. Hij pikt vrij snel dingen op, van de grond. Ze weet niet of hij haar begrijpt en negeert, of dat hij haar wel begrijpt. Maar ze denkt dat ze hem wel trucjes zou kunnen leren. Zo gaan er weer een paar dagen voorbij.

Het is inmiddels 3 desnus en Kyrnamath begint druk te koken. De Hodag wordt heerlijk bereidt met blaadjes van de Shambling Mound. Het lukt haar aardig. Ze wil het uitstallen in haar kraampje op het dorpsplein. Lorelei vraagt wat er aan de hand is en Kyrmanath vertelt: “Het is vandaag mijn naamdag en dat wil ik met iedereen vieren. ‘s Middags wil ik de kinderen vermaken bij een snoepkraampje. En dan ’s avonds serveer ik de Hodag in mijn stalletje.” Lorelei biedt aan om de drankjes te verzorgen. Het kost de dames wat goudstukken maar het wordt een klein festival en de bevolking is er zeer tevreden mee.

Lorelei wil een nieuwe drank bereiden, Fire in the Hole, en zoekt er een speciaal kruid voor. Catori denkt eens na en denkt te weten welk kruid Lorelei nodig heeft voor haar nieuwe drank. Dit kruid is te vinden in de bergen, op een plek waar ook een rivier ontstaat. Lorelei vraagt of Catori er heen kan vliegen en zo’n kruid op kan halen. Dat wil Catori wel. Maar Lorelei zegt dan: “Het kan wel als we toch die kant op moeten.”

We besluiten om nog even in de stad te blijven. Lorelei heeft aan Oleg gevraagd of hij voor haar een nieuw amulet en quiver heeft, maar dat moet uit Restov komen en dat duurt een paar weken. Ze wil er graag op wachten voordat we weer op pad gaan. Inmiddels wordt de arena geopend met een paar wedstrijden tussen wat Humans onderling en ook tussen Humans en dieren. Het zijn nog geen stevige gevechten, en de lord en lady’s van de stad doen er nog niet aan mee, maar het slaat wel aan. Kyrmanath denkt nog eens aan de tijd dat zij vocht in de arena, en eigenlijk heeft ze wel weer zin om eens te laten zien wat ze kan.

En dan gaan we weer wat aandacht aan de stad besteden. We moeten nodig de voedsel voorziening voor de stad uitbreiden dus we claimen land en laten een boerderij er op bouwen. Tevens besluiten we om nog een weg aan te leggen. We beginnen om de stad van een muur te voorzien en we willen graag een granary bouwen. We bekijken ook of er een restaurant kan komen in de stad.
De quiver en het amulet voor Lorelei worden bezorgd. We zijn nu klaar om weer op pad te gaan. Lorelei wil een warhorse en bestelt er een bij Oleg. Ook de anderen besluiten dan om een warhorse te nemen.

Dan gaan we weer op pad. We zijn twee dagen onderweg en komen dan in de Nomen Heights aan. We reizen een dag lang het eerste gebied door een graslandschap. En dan gaan we door naar het volgende gebied waar we een rivier tegen komen, dit is de Shrike river. De rivier is hier erg breed, hier kunnen we niet de rivier over. Rincewind is zijn boek met de water walk spreuk vergeten dus ook dat gaat niet lukken. We zoeken dan maar verder naar een plek om de rivier over te steken, de beste optie is bij Nivakta’s Crossing.  We volgen de rivier naar het noordoosten. Na een dag reizen slaan we een kamp op. En de volgende morgen gaan we weer verder. Na enige tijd horen we wat gejank. Het komt vrij snel op ons af. Het zijn Worgs. En na een kort gevecht kunnen we weer verder. Kyrmanath verzamelt weer wat vlees van de Worgs. We rijden verder en komen bij een waterval. De rivier vertakt zich hier met een zijtak naar het zuid oosten. We volgen de rivier verder langs de waterval naar het noordoosten. Het zijn vijf watervallen, van 10 tot 30 ft hoogte. Na de watervallen is de rivier wat rustiger, maar Rincewind durft nog steeds de rivier niet over. We komen bij de weg die naar Restov loopt en de rivier buigt zich langs de weg. Ondertussen is er weer een dag voorbij. We zien een fort staan. De rivier heeft hier een zijtak naar het zuidoosten. We hebben wel eens van het fort gehoord. Het is een houten fort, het staat er al heel lang en heet fort Serenko. Sinds een korte tijd is het fort verlaten, maar het is niet bekend waarom.

We besluiten om even te gaan kijken bij het fort. Lorelei speurt de omgeving af, de kust is veilig dus we gaan er op af. We komen bij de poort aan, deze is dicht. Er is een wachttoren aan de linkerkant. De poort is niet op slot dus we openen hem. Het fort is groter dan de trading post. Er staat een hoofdgebouw in en wat bijgebouwtjes. Het is stil op de binnenplaats. Cheveyo speurt even en ruikt geen vreemde dingen. We lopen eens naar het hoofdgebouw, deze is van steen. De deur staat open. Het is een soort kantoor en ziet er opgeruimd uit. Catori besluit in een air elemental te veranderen en wat rond te gaan vliegen en ze vliegt ook door de toren heen. Het ziet er overal opgeruimd uit. Er hebben hier wel soldaten gezeten. We besluiten om in het fort te gaan overnachten. Kyrmanath kookt wat Worg vlees, het smaakt weer lekker. Catori verkent nog even vliegend de omgeving. Naar het noordwesten zijn graslanden en in het zuidoosten is het heuvelig. Dit moet ongeveer de grens zijn tussen Brevoy en the Stolen Lands. Terwijl iedereen binnen slaapt, besluit Catori om onder de sterrenhemel te gaan slapen boven op de toren met Cheveyo als gezelschap.

De volgende ochtend gaan we weer verder. De weg gaat rechtdoor naar Nivakta’s Crossing en de rivier volgt de weg. Met een dag zijn we in de buurt van Nivakta’s Crossing. En de volgende ochtend rijden we Nivakta’s Crossing binnen. We besluiten om niet te vertellen dat we de lord en lady’s van Ellorica zijn, we zijn gewoon avonturiers. We gaan Nivakta in en we zien wat mensen lopen. Lorelei wil naar een inn dus gaan we op zoek. We zien een tempel en wat winkels. En dan komen we bij een inn en gaan naar binnen. Lorelei begint meteen te mekkeren: “Nu dat bier wat jullie tappen is helemaal niet lekker, in het stadje verderop, Ellorica heb ik wel lekker bier gedronken, Lorebrew.” Maar de waard, Lorin Kaven, herkent ons: “Jullie zijn de lord en lady’s van Ellorica. Jullie krijgen een bier van mij.” Lorelei vraagt: “Zijn er nog nieuwtjes.” Lorin Kaven vertelt wat over de lokale roddels. Lorelei vertelt: “Er zijn Worgs in de bergen.” Lorin zegt: “Er is een Silver Dragon die in de Tors of Levenies leeft. Hij is al een tijd niet meer gezien. De Dragon was vrij op zich zelf. En dat clubje van Maegar Varn is ook al een tijdje verdwenen. Er is niets meer uit Varnhold gehoord, al meer dan een paar maanden. Ik vind het niet verstandig om daar heen te gaan. Het is veel te gevaarlijk.” Rincewind probeert nog wat los te krijgen, maar dat lukt niet. Lorelei begint weer over het bier: “Dit bier is toch niet lekker hoor, hier probeer dit eens.” En geeft een fles Lorebrew. Hij zegt: “Ik heb het beste bier uit Restov. Maar dit bier smaakt ook niet verkeerd. Maar het is prijziger dan wat ik mij kan veroorloven.” Dan krijgt hij ook nog wat Likeurelei te proeven. Lorelei wil wel met hem onderhandelen over de prijs van het Lorebrew. Hij vertelt: “In Varnhold staat ook een brouwerij. En die heeft ook lekker bier.” We besluiten om hier te lunchen. Lorin vertelt nog wat over de omgeving: “Naar het zuiden wordt het heuvelachtig en verder naar het zuiden zitten de hoge bergen.” En dan gaan we weer verder. We lopen wat in de buurt rond en vinden nog twee posters.

Een poster waar Manticore staartnaalden gezocht worden, voor 3.000 gp. Deze worden gezocht door ene Iosis. We weten van Manticores dat ze met hun staart spikes kunnen afschieten en ze kunnen vliegen. En op de andere poster, van een lokale kleermaker, wordt gevraagd om hoge kwaliteit zijde. Hiervoor krijgen we een cloak of protection. In het oosten in de Tors of Levenies wordt deze zijde door een Spider geweven. Er is een lair ten zuidoosten van Nivakta’s crossing waar een heleboel Trapdoor Spiders zitten. De kleermaker wil een voorraad zijde hebben van ongeveer vijf Spiders. Het zijn medium sized Spiders. Ze kunnen bijten met gif. Catori en Lorelei besluiten om een spreuk tegen gif van te voren klaar te hebben, voor het geval dat.

We steken bij de crossing de rivier over, en gaan naar het zuiden. We reizen weer een dag verder door een nieuw gebied. De weg is hier wat kronkelig en vanuit het westen zien we een rivier die even met de weg meeloopt en dan naar het oosten gaat. Over de rivier ligt een brug die er vrij nieuw uitziet. De landerijen hieromheen zijn allemaal omgebouwd tot boerenland. De rivier kronkelt nu weer richting het pad. Een dag later komen we in het gebied waar Varnhold ligt. We zien Varnhold liggen. En in het westen zien we de bergen waar de Varnhold Pass moet liggen. De rivier stroomt door het dorpje heen naar het westen richting de bergen. Er staan allemaal gebouwtjes in het dorp maar we zien niemand rondlopen. We gaan richting het dorp en gaan op onderzoek. De huisjes hebben een stenen onderkant en zijn verder van hout. En er zijn ook wat plaggenhutjes. Verderop in het dorp zien we ook een klein kerkje staan. We lopen door tot aan de rivier, de Kiravoy river. Er is geen brug verder het dorp in. Maar het water kan hier overgestoken worden, het is hier niet meer dan anderhalve meter diep, maar het wordt al gauw 20 feet diep. We kijken eerst nog even in een gebouwtje aan deze zijde van de rivier. We lopen het pad op en ruiken een zure geur. Het is een leerlooierij. Lorelei klopt aan maar er komt geen antwoord. Ze kijkt of de deur open is, die is dicht maar niet op slot. Ze gaat naar binnen en ziet een winkel gedeelte. Ze roept: “Volk!” Maar ook nu weer volgt er geen reactie. Ze gaat naar binnen en doorzoekt het huis. Het lijkt alsof er tien minuten geleden nog iemand gewerkt heeft maar ze ziet niemand. Ze ziet buiten nog wat paardenhuiden hangen. Dan gaan we naar het gebouwtje aan de andere kant van de weg. We kijken er ook even, een woonhuis van een boer. Maar ook dit huis is verlaten. We lopen nog even door naar een groter gebouw. Er staat een kar bij. Het gebouw hangt half over de rivier. We zien boven de deur een grote ton met de kop van een Dwerg erop die grijnst. Het is een brewery, het bier heet Cheerful delver stout. Op de kar staan wat vaten met bier. We ruiken aan het bier, het ruikt een beetje naar aarde. Maar we drinken er maar niet van.

We gaan terug naar de rivier en willen hem oversteken. Lorelei en Catori staan al in het water als ze een schim in het water zien die onze kant op komt. Het is een Lobster achtig wezen, een Chuul. Hij heeft tentakels waarmee hij iemand kan verlammen. Lorelei gaat meteen het water weer uit. De Chuul valt meteen aan. Kyrmanath gaat op de Chuul af. De Chuul weet Kyrmanath te grijpen en daarna zit ze in zijn tentakels. Het gevecht is wel heftig maar na een paar rake klappen van iedereen weet Lorelei het beest af te schieten. Het beest heeft geen bijzondere spullen bij zich. Maar het is toch wel vreemd dat dit beest hier zit, verder weten we weinig van deze Chuul. Kyrmanath verzamelt toch maar weer wat vlees, je weet maar nooit wat je er van kan maken.