KM_02_17

Aflevering 17 – 6 pharast 4712

We staan in de grot bij het lijk van de Owlbear en daarnaast ligt het lijk van Yisizsah. We besluiten om de ruimte waar de Owlbear uit vandaan kwam te doorzoeken. We vinden daar een lijk van een Human-achtig figuur. We onderzoeken het lijk even, het is een Human. Daarnaast zien we nog een dode Owlbear liggen, die is al anderhalve week dood. Er liggen ook drie kleine dode Owlbears, maar een kleine Owlbear is nog in leven. Hij staat tegen zijn moeder aan. Lorelei wil hem meenemen, maar hij bijt in haar vinger. Ze zegt: “Kutbeest.” Hij slaat wild met zijn vleugels om zich heen. Catori denkt dat ze wel contact maakt met hem. Ze denkt dat hij wel bij haar wil komen. Hij vindt haar wel vriendelijk. Lorelei ziet dat hij naar Catori trekt en het beestje vindt het niet erg door haar opgepakt te worden. Ze geven hem wat te eten. Uiteindelijk weet Lorelei het beestje naar zich toe te trekken. Catori kijkt eens of ze wat over het teleporteren te weten kan komen. Het is moeilijk om er op te focussen. Maar de bron moet hier uit de buurt komen, bij de dode Human. Een van de items heeft een aura. Kijken wat de man bij zich heeft, we vinden een chain shirt, een long sword, een ring of bestial friendship, twee potions speak with animals en 7.200 gp. Dan zien we dat ook de grote dode Owlbear het aura om zich heen heeft en ook de kleine Owlbear is er mee in aanraking gekomen. Catori vindt op de man een kleine kaart van de regio waarop Ellorica en de plaats van de grot gemarkeerd zijn. Het aura van transportatie komt van de ring af. De ring werkt op magical beasts. Catori kijkt nog eens naar de man en ze ziet geen holy symbol op hem. Rincewind onderzoekt de man en vindt een aantal pouches en wat schedeltjes om zijn nek, dus hij moet een soort barbaar, een beastmaster zijn geweest. Dan vraagt Lorelei wat er met het lijk van Yisizsah moet gebeuren.

Maar dan horen we iemand roepen: “Is hier iemand?” Lorelei vraagt: “Wie is daar?” Er komt een vrouw de grot in lopen, ze heeft een harnas aan. Ze vertelt: “Ik kom vanuit Ellorica. De general vertelde mij dat de dreiging van de Trolls steeds groter wordt. Ik ben daarna naar Tatzlfort gegaan. Dat dorp werd aangevallen door een groep Trolls. Ik heb een van de Trolls gedood. Maar er zijn vijf mensen door de Trolls meegenomen.” Ze ziet de Owlbear leggen en zegt: “Ha lekker, een Owlbear, vlees.” Ze snijdt wat vlees van de Owlbear af en sprenkelt er wat liquid ice over heen om het goed te bewaren, en stopt het in haar backpack. Ze stelt zich voor: “Mijn naam is Kyrmanath, een Half-Elf. Ik ben een Paladijn van Sarenrae.” Catori loopt even naar Emraely, die nog steeds buiten staat te wachten, en ze vraagt of zij even kan onderzoeken of zij nog wat meer kan ontdekken. Emraely vindt de ring er vreemd uitzien. Hij lijkt van geweven haar, heel vreemd. Ze kan het nu niet thuisbrengen, maar het lijkt van een beest te zijn.

We gaan terug naar Tatzlfort en nemen het lijk van Yisizsah mee. Het lijk, dat ook besprenkeld is met het liquid ice, blijft goed in stand. We leggen het op het paard van Kyrmanath. Onderweg praat Rincewind met Kyrmanath. Ze vertelt: “Oorspronkelijk kom ik uit Longacre in Cheliax. Maar daar werden Elfen met de neus aangekeken. In Logas in Isger ben ik in de tempel van Sarenrae opgeleid tot paladin. Ik ben uitgezonden om tegen het kwade te strijden. Ik ben daarna een aantal jaren in Kyanin geweest om mijn opdracht uit te voeren. Uiteindelijk ben ik via de River Kingdoms naar Ellorica gegaan.” Ze verzwijgt nog even haar slavenverleden. Dan vraagt Rincewind waarom ze het vlees van de Owlbear heeft afgesneden. Ze zegt: “Dat is juist heerlijk vlees. Dat moet je gewoon proeven. Ik maak wel wat voor jullie klaar.” Ze pakt een stuk wat ze voor onderweg heeft meegenomen en ze bereidt een heerlijke maaltijd. Het vlees smaakt heerlijk. Daarna gaan we slapen. Na twee dagen komen we in de buurt van de plek waar Dirken, de broer van Bokken is omgebracht. We besluiten om nog even op zoek te gaan naar zijn hut. Dat neemt ongeveer een dag in beslag. We vinden we een vrij stevige eik die hol is. In de eik hangen wat magische aura’s. We vinden daar wat simpele meubels en een slaapplek. Daaronder is een kistje wat half uit elkaar valt. Rincewind probeert hem te openen met een stok. In de kist zit een potion of cure moderate wounds en een potion of invisibility en 46 gp. Tevens vinden we een hanger met het portret van een mooie jonge vrouw er in. Rincewind kijkt er een goed naar, het moet wel familie van Bokken zijn. Maar is het een zus of zijn moeder, hij kijkt nog eens goed, aan de hand van de ouderdom van het plaatje moet het de moeder zijn. We gaan weer verder, het is nog drie dagen reizen naar Tatzlfort.

Als we in Tatzlfort aankomen brengen we het lijk van Yisizsah naar Latricia. Zij is een cleric en zou een speak with death kunnen doen. Latricia komt er aan en ze wil het graag voor ons doen. Ze vraagt of er iemand bij wil zijn. Rincewind en Catori willen er wel bij zijn. Ze begint haar gebeden te doen en maakt contact met Yisizsah. Op de vraag of ze wil terugkomen antwoordt Yisizsah: “Het was eerst wel wennen hier, maar nu heb ik eindelijk mijn vader gevonden. Ik wil hier blijven.” Het ritueel wordt beëindigd en we spreken af met Latricia dat zij het lijk laat conserveren en het dan naar Ellorica laat transporteren. We kunnen Yisizsah later begraven. Er gaan wat items van Yisizsah naar Kyrmanath. En het goud wordt verdeeld. We blijven een paar dagen in Tatzlfort en komen Loi tegen. Hij ziet dat er een persoon ontbreekt. We vertellen hoe Yisizsah gedood is door de Owlbear en hoe we Kyrmanath ontmoet hebben. Hij wijst naar Kyrmanath en vertelt: “Wij werden aangevallen door Trolls en zij heeft er een gedood. De Trolls hebben vijf mensen uit het dorp meegenomen.” Dan heeft hij het nog even over het reilen en zijlen in Tatzlfort: “Ja, ik als burgemeester van dit dorp zal alles met jullie overleggen. Maar is het niet makkelijker als ik ook naar Ellorica kom en in het stadsbestuur zitting neem?” Dat is wel een goed idee. We proberen nog wat te weten te komen over Trolls, ze kunnen zichzelf regenereren, dus ze moeten verbrand worden.

We besluiten op pad te gaan. We zoeken de sporen van de Trolls en volgen ze. We komen door bosgebied waar we nog niet geweest zijn. En we denken dat Trolls toch niet zo doen. Uiteindelijk komen we in een volgend bosgebied. We zijn drie dagen onderweg. We komen nu in de buurt van het gebied waar de Owlbear zat. We vinden hier veel sporen. In het zuiden van het gebied vinden we een heuvel, deze is vrij stijl. Er zijn hier heel veel sporen. Lorelei gaat op onderzoek uit en ze ziet de sporen een kant op gaan, de struiken in. Dan kijkt ze nog eens goed en ziet ze tussen de struiken een pad dat omhoog loopt. Lorelei hangt haar Owlbear in een tuigje aan haar zadel en ze sluipt naar de struiken, ze ziet het pad de heuvel op te lopen, ze wenkt de anderen. Ze loopt naar de rand van de heuvel en ziet het pad verder kronkelen. Ze ziet een soort gebouw in de heuvel gebouwd. Het gebouw is van steen en er zitten schietgaten in. Ze beschrijft het gebouw aan ons. Rincewind denkt dat het door Dwergen gemaakt is. Lorelei zegt nog dat ze niets zag bewegen. We gaan er op af. We lopen over een smal pad met aan de ene kant een afgrond. Lorelei sluipt naar het gebouw en ze hoort in een soort Giant taal wat kreten. Ze kijkt door een gat naar binnen en ziet twee Trolls naar elkaar gebaren en wat brabbelen. Rincewind en Lorelei roepen wat beesten op en we vallen aan. De eerste Troll is al snel dood. En dan verslaat een van de Elementals van Catori de tweede Troll. Maar dan komt er van beneden een Trollhound aangestormd, achtervolgt door een Troll. En uit een zijgang komt een Troll van boven. Ook deze leven niet lang. We discussiëren welke kant we heen gaan. Of de gang omhoog of de gang omlaag. De Archon van Rincewind wordt omhoog gestuurd, we horen niets meer. De Elementals van Catori gaan omlaag. Catori hoort nog even nog dat ze aan het vechten zijn en dan is het stil. We gaan naar beneden en zie een ruimte met twee zijgangen. We zien in de rechtergang nog twee Trollhounds die op ons af komen, een stuk ketting achter zich meeslepend. Maar het gevecht tegen deze Trollhouds is vrij kort. De ruimte waarin we staan is een soort ontvangstruimte. Met banken en ingehakte figuren. De muren zijn besmeurd met bloed. Dit is waarschijnlijk door de Trolls gedaan. Op een van de banken ligt nog een half afgekloven hoofd. In de ruimte waar de Trollhounds uitkwamen zitten nog twee afgebroken kettingen aan de muur. Er liggen veel botten in de ruimte en er ligt half afgekloven vlees in. Het stink hier behoorlijk. In de ruimte aan de andere kant staan kratten en dozen. En er loopt een gang de heuvel in. Er hangt geen magie in de ruimte. De spullen zijn niet echt kwalitatief maar het zijn er wel veel, gereedschap, stof en gedroogd voedsel. Lorelei sluipt eens in het gangetje. De tunnel wordt hoog. Het ligt vol met botten en het stinkt er. Het is vrij donker. We gaan voorzichtig verder de gang in. Kyrmanath loopt voorop richting een splitsing in de gang. In de zijgang liggen twee Trolls te slapen en vanuit de doorlopende gang horen we een paar Trolls brabbelen en onze kant op komen.