KM_02_14

Aflevering 14 – 2 neth 4711

We besluiten om nu eerst een kamp op te slaan. Lorelei gaat weer op zoek naar een mooi plekje. De nacht verloopt rustig.

De volgende dag staan we weer fris op. We gaan het volgende gebied in en met twee dagen hebben we dit gebied ook weer verkend. Het bestaat voornamelijk weer uit grasland, en we vinden er niets bijzonders. We trekken naar het zuidoosten. We reizen weer een dag en ook dit gebied brengen we in kaart. Het landschap verandert nog niet, het is ook nu weer grasland. Maar dan zien we een klein stukje bos in de verte. We gaan er heen en Lorelei ziet al vrij snel sporen, maar ze herkent niet van welk dier deze sporen zijn. Het moet een soort spoor van een Dragon-achtig wezen zijn. De sporen zijn niet echt vers en ze lopen richting het bos. We lopen voorzichtig naar het bos toe. We stappen van de paarden af, en we gaan het bos in, Lorelei sluipend voorop. Ze trapt weer eens op een tak. Maar er gebeurt gelukkig voor haar niets. Ze gaat weer verder. Ze vindt een open plek en in het midden van die open plek ziet ze een uit takken bestaand nest, het is een nogal groot nest. Dan hoort Lorelei achter ons wat takjes kraken. Ze sluipt terug en kijkt of ze wat ziet. Catori ziet ineens een beest op haar afkomen. Ze wijst in de richting waar ze hem ziet. Er komt soort Dragon tevoorschijn, die aanvalt. Het gevecht duurt kort en Yisizsah weet het beest af te maken. Het is geen Dragon maar een Forest Drake. We hebben er een gerucht over gehoord. Lorelei weet met behulp van Rincewind de kop van de Drake te slaan en die wordt meegenomen. We gaan nu naar het nest en onderzoeken het. Er ligt een half afgekloven Human achtige in. We vinden een masterwork chainshirt, een masterwork darkwood longbow en een cloak. Dit is een cloak of the Elvenkind. Het lijk was dus waarschijnlijk een Elf. Dan vinden we ook nog een pouch met 1.300 gp. We gaan weer verder op onderzoek uit. Het gebied wordt doorkruist door een rivier, de Little Sellen River. Met een dag hebben we dit gebied dan ook weer gezien.

We besluiten om naar het westen langs de rivier te gaan, dit neemt weer een dag reizen in beslag en we zijn weer in het volgende gebied. We zien in de verte een driesprong in de rivier en een soort van pont. Hier hebben we wat over gehoord van Jubilost. We gaan langs de rivier richting het pontje, als zowel Catori en Lorelei wat in het water zien zwemmen. Dan komen er zes Frog achtige wezens uit het water opduiken die aanvallen. Het zijn Boggards. Ook dit gevecht duurt niet lang, als Catori de voorlaatste Boggard heeft afgemaakt slaat de laatste op de vlucht. We vinden op de Boggards nog 200 gp. We gaan nu richting de pont. We zien de driesprong in het water. En het is inderdaad ooit een pontdienst geweest. We zien de steigers nog en in het water liggen een paar planken van wat ooit de pont moest zijn. Je kon met de pont naar de ene oever, maar ook naar de andere oever van de driesprong. We zien ook nog een soort pontgebouwtje, het gebouwtje ziet er vervallen uit, maar de fundering is nog goed. Er ligt nog een dode Kobold in. Na een dag hebben we dit gebied ook weer doorzocht. We reizen weer verder en gaan naar het volgende gebied en na anderhalve dag hebben we dit ook wel weer gezien. We gaan nu naar het Candlemere en steken iets ten noorden van het meer de rivier over. En we gaan naar het gebied in het westen, met drie dagen zijn we hier. Het terrein verandert nu in bosgebied. We doorzoeken het gebied en zien dat de rivier, de Murque river, door dit gebied heen kronkelt. We zien vlak bij het Candlemere een blubberige hoop modder uit de rivier steken. Er steken houten palissaden met spikes uit de blubberhopen er komt rook tussen de spikes uit. Het is min of meer een soort van hol op een eiland. Dit zou wel eens het hol van het Lizardfolk kunnen zijn. We hebben een dag nodig om dit deel te doorzoeken en besluiten voorlopig het eiland met het hol te laten voor wat het is.

We reizen nu een dag naar het noordoosten, naar het enige gebied dat we hier nog niet bekeken hebben. We brengen dit in twee dagen in kaart, het is weer volledig bosgebied. Catori hoort wat gebrabbel en tot twee keer toe hoort ze iemand praten: “Cat.” Er loopt iets voor ons uit. Even later hoort Catori het weer. Lorelei hoort het nu ook en roept: “Kom eens tevoorschijn.” Dan komt er een man met een grote witte baard uit de struiken te voorschijn. Hij heeft een Puma bij zich. Hij komt op ons af en zegt: “He reizigers, dat is lang geleden dat ik reizigers gezien heb.” Hij stelt zich voor als Dirken: “Wat komen jullie hier doen. Ik woon hier in dit bos. Het is hier veel mooier als in de stad. Ik ben druïde en ik ben hier samen met mijn vriend Cat.” Hij wijst naar de Puma. Het zou haast de broer van Bokken kunnen zijn. Hij biedt ons thee aan. Hij slaat Catori op haar schouder en steekt meteen met een mes in haar rug. Dan schreeuwt hij maniakaal: “Weg met de stemmen.” Dus het wordt weer vechten. Catori wordt gegrepen door de Puma. Ondertussen weet Yisizsah Dirken te doden. En dan schiet Lorelei de Puma naar de eeuwige jachtvelden. We kijken even of Dirken nog wat bij zich heeft. We vinden een leather armor, een whip, een masterwork shortsword en een ring of protection.

Catori stelt voor om nu eerst langs Beldame gaan om te vertellen dat Dirken dood is, ze zal geen last meer van hem hebben. We zijn een dag onderweg en komen bij haar hutje aan. We roepen haar bij het hek, maar er komt geen antwoord, ze is waarschijnlijk niet thuis. We besluiten om een briefje neer te leggen onder een steen. Dan gaan we door naar Ellorica, en met vier dagen zien we de contouren van de stad. We gaan eerst naar de Rince en nemen een borrel. De kop van de Drake geven we aan Oleg. We maken er indruk mee. Hij heeft iets gelezen over die Drake. En na een dag of vijf komt er vanuit Brevoy een beloning van 1.200 gp met dank voor het veiliger maken van de omgeving, de gevaarlijke Forest Drake is gedood. Lorelei gaat in haar brouwerij kijken en haar nieuwe likeur, Likeurelei, lijkt goed te lukken.

We horen een gerucht, er zijn toch wel meer activiteiten van Trolls in het zuiden. Daar moet toch wat aan gebeuren. Catori gaat daarna naar Oleg en vraagt of hij nog aan tree feather tokens kan komen voor een boomhuis.
Catori vraagt dan aan Yisizsah of zij niet general wil worden. Ze moet ten slotte ook wat doen voor de stad. Yisizsah ziet general niet zo zitten maar ze besluit om magister te worden. Even later komt Kesten langs met Corax, de houthakker. Hij zou wel geschikt zijn als royal assassin. Hij vertelt: “Hiervan kan ik mooi rondkomen, het verdient beter als met de bomen. Het lijkt mij wel wat.” We besluiten om het met hem te proberen. Hij zal vaak gezamenlijk met Kesten optreden om de straffen uit te delen. We vragen aan Kesten om nog uit te kijken voor iemand voor de positie als general.
We gaan naar onze bestuurszaal in de Rince om wat stadszaken te regelen. Het lukt ons weer aardig om de stad goed onder controle te krijgen. Maar we zijn er wel weer een week mee bezig.
Catori stelt voor om de komende paar maanden rond in Ellorica te blijven en niet op verkenning uit te gaan. Het is bijna winter en dat maakt het reizen lastiger, daarnaast kan de stad ook altijd wat extra aandacht gebruiken.

Dan worden we aangesproken door een vrouw, haar zoontje wordt vermist: “Hij wil altijd beestjes verzamelen. Ratten, torren, vlinders en andere kleine beestjes. Hij heet Tig. Hij is alleen de stad uitgegaan.” Lorelei zegt boos: “Wat ben je nu voor een moeder om hem alleen buiten de stad te laten gaan.” Ze zegt dan beduusd: “Hij ging met zijn vriendjes bij de heuvels buiten de stad spelen. Hij is toen de andere kant op gegaan achter een vlinder aan of zo.” We zeggen dat we wel op zoek naar hem gaan. We gaan maar meteen naar de heuvels. Lorelei gaat op zoek naar sporen, maar ze vindt niets. Ze roept: “Tig, je moeder zoekt je.” Maar er komt geen reactie. We zoeken overal in de buurt maar vinden geen jongetje. We besluiten om dan maar eerst met Bokken te gaan praten.

Bokken schrikt er van dat hij geroepen wordt. Lorelei vertelt dat ze slecht nieuws heeft. Zijn broer is niet meer. Hij juicht van vreugde. Lorelei vertelt dat hij ons aanviel met zijn Puma. Bokken geniet er van en vraagt: “Zijn jullie in zijn huis zijn geweest. Het is goed verstopt. Je kan het heel moeilijk vinden.” Dan vertelt Lorelei over het verdwenen kind. Bokken vertelt: “Ik heb dat jongetje niet gezien. Maar ik heb laatst wel in het donker wat gezien. Oh ja, dat vrouwtje waar jullie het over hadden is hier geweest. En ze is nu bij de boeren om wat informatie te geven over groenten en gewassen. Eh, het was een meute van vreemde mensen die ik heb gezien, het waren wel geen mensen maar ze liepen als mensen. Ze deden heel raar bij de heuvels. Ik heb ze nooit eerder gezien.”
We verlaten Bokken en gaan naar de stadswacht om daar eens te informeren naar het jongetje. De stadswacht is al op de hoogte gebracht over het kind. De stad is doorzocht en ook de naastgelegen landerijen. We vertellen over de figuren die Bokken gezien heeft. Ze zullen ons op de hoogte houden als zij nog wat horen of zien. We gaan nu naar de vriendjes van Tig. Lorelei begint ze te ondervragen, ze spelen wel eens met Tig, maar hij speelt vaak in zijn eentje. Rare wezens hebben ze daar bij de heuvels nooit gezien. Catori gaat naar Jhod en vraagt of hij ook bekend is met spreuken waarmee je dingen vooruit kan zien. Daar is hij wel van op de hoogte, maar hij heeft er nog weinig ervaring mee. Hij wil wel wat proberen om het kind er mee te vinden. Maar dat wordt wel de volgende dag.